Men scheidt geen troema af van wat rein is voor
wat onrein is1 en
als men het [toch] afgescheiden heeft, is hun troema geldig2.
In werkelijkheid is er gezegd3: wanneer een deel van
een vijgenkoek4 onrein is geworden, mag men van het
reine gedeelte ervan troema afscheiden voor het onreine deel
ervan.5 En zo ook voor een bundel groente of een hoop6.
Als er twee koeken7, twee bundels of twee hopen zijn,
één onrein en één rein, dan mag men niet van de één troema
afscheiden voor de ander. Rabbi Eliëzer zegt: men mag troema
afscheiden8 van het reine voor wat onrein is.
Toelichting op Misjna 2:1
1. Men scheidt geen rein van onrein af � Troema mag alleen
afgescheiden worden van dat wat moekaf is � d.w.z., wat
dicht bij de tevel ligt. Omdat er gevaar bestaat dat degene
die de troema van het reine voor het onreine afscheidt, het reine
ver verwijdert van het onreine legt, uit angst dat het elkaar
anders zou aanraken en dat daarmee het reine ook onrein zou worden
[en dus niet meer geschikt zou zijn als troema], hebben de
Geleerden verordend dat men geen troema van iets dat rein is mag
afscheiden voor iets dat onrein is (RAV).
2. Maar als men het toch afgescheiden heeft, is de troema
geldig � Want het verbod is door de Rabbijnen ingesteld als
een beveiliging, maar dat heft de geldigheid van de troema niet op
als die eenmaal afgescheiden is.
3. In werkelijkheid is er gezegd � Overal waar gezegd
wordt: �In werke�lijkheid is er
gezegd,� is dat als een halacha leMosjé Misinai � een
halacha die Hasjem aan
Mosjé op Sinai mondeling heeft meegedeeld en die van gene�ratie op
generatie is doorverteld � maar het is hier geen echte halacha
leMosjé op Sinai, want het is een verordening
van de Rabbijnen (RAV).
4. Een vijgenkoek � We zijn niet bang dat als een deel van
de vijgen onrein is geworden, dat dit de andere vijgen ook onrein
maakt(RAV). En we zijn ook niet bang dat degene die de
troema afscheidt het verbod op moekaf overtreedt, want de
vijgen vormen één koek (Tif. Jis.).
5. Men mag van het reine gedeelte afscheiden voor het onreine
gedeelte � Want de vijgenkoek wordt als één geheel beschouwd,
die gedeeltelijk reine en gedeeltelijk onrein is (RAV).
6. Een bundel groente of een hoop [graan] � Hoewel dat niet
één geheel is, zoals een vijgenkoek, wordt het voor dit doel hier
toch als zodanig beschouwd (RAV).
7. Als er twee koeken, enz. zijn � Nu ie iedere koek, enz.
een eenheid apart en daarom mag men niet van de één voor de ander
afscheiden (RAV).
8. Rabbi Eliëzer zegt: men mag afscheiden � Rabbi Eliëzer
is niet bang dat men het verbod op moekaf zal overtreden,
maar de halacha is niet volgens R. Eliëzer (RAV).