Vorige Index Volgende

Berachot

Hoofdstuk 3 - Misjna 3

נָשִׁים וַעֲבָדִים וּקְטַנִּים פְּטוּרִין מִקְּרִיאַת שְׁמַע וּמִן הַתְּפִלִּין, וְחַיָּבִין בַּתְּפִלָּה וּבַמְּזוּזָה וּבְבִרְכַּת הַמָּזוֹן:

 

Vrouwen [1], slaven [2] en kinderen [3] zijn vrijgesteld van het zeggen van Sjema en van tefillien [4], maar op hen rust de plicht van tefilla [5], mezoe­za [6] en birkat hamazon [7].


Aantekeningen bij Misjna 3. 3

[1]. Vrouwen, slaven en kinderen zijn vrijgesteld van Sjema. Ondanks dat het een gebod is om te doen op een bepaalde tijd, en van alle gebo­den om op een bepaalde tijd te doen, zijn vrouwen vrijgesteld, zou je kunnen denken dat zij dit toch verplicht zijn te zeggen, omdat erin is opgenomen [dat men, met het zeggen ervan] het Koninkrijk van de Hemel [op zich neemt. D.w.z. dat men daarmee verklaart dat men ge­looft in G-ds bestaan en Zijn eenheid]. Daarom wordt het expliciet ver­­meld [dat zij niet verplicht zijn Sjema te zeggen] (RAV).

[2]. Een niet-Joodse slaaf, aangekocht door een Jood, verkrijgt gedeelte­lijk de status van Jood. Hij wordt besneden en krijgt alle verplichtingen die een vrouw heeft .

[3]. Kinderen: [Een jongen onder de dertien jaar en een meisje onder de twaalf  jaar]. Zelfs voor een kind dat de leeftijd voor onderwijs bereikt heeft [vijf of zes jaar] is de vader niet verplicht om hem Sjema te leren, om­dat hij [d.w.z. de vader] er niet altijd bij aanwezig kan zijn als het tijd is om Sjema te zeggen. En ze zijn ook geen tefillien verplicht, want gewoonlijk weet een kind niet hoe hij zorg moet besteden aan zijn tefillien, zodat hij geen windjes laat (RAV).

[4]. Tefillien is een gebod om te doen op een bepaalde tijd, want de avond en sjabbat zijn geen geschikte tijd om tefillien te leggen. Nu zou je kunnen denken dat wij hen daartoe toch verplichten, omdat men ook daarmee het Koninkrijk van de Hemel op zich neemt, en omdat tefil­lien vergelijkbaar zijn met mezoezot [ze worden in Tora (Dew.6:9) naast elkaar genoemd en bevatten (gedeeltelijk) dezelfde Tora-passa­ges], en daarom leert [de Misjna] ons [dat zij ervan zijn vrijgesteld] (RAV).

[5]. Zij zijn verplicht tefilla te zeggen, want daarmee vraagt men om erbarmen en het is ingesteld door de geleerden en die hebben het ook voor vrouwen verplicht gesteld om het te zeggen en om het kinderen te leren (RAV).

[6] Mezoezot: Wat zou je kunnen denken? Daar het vergelijkbaar is met Tora-studie [in Tora (Dew. 11:20) staat het voorschrift voor mezoezot direct achter dat van Tora-studie (Dew. 11:19)], en vrouwen daarvan zijn vrijgesteld, want er staat geschreven (Dew. 11:19): „Jullie zult het [Tora] jullie zonen leren”, en er staat niet „jullie dochters”, zo zijn ook vrouwen vrijgesteld van mezoezot, ondanks dat het een gebod om te doen is, dat niet afhankelijk van de tijd is. Daarom leert het ons [dat zij daartoe wel verplicht zijn] (RAV).

[7]. Birkat Hamazon: Men vraagt [in de Gemara 20b] of zij [de vrouwen] door Tora verplicht zijn birkat hamazon te zeggen, omdat er geschreven staat (Dew. 8:10) „En je zult eten, en je zult verzadigd zijn en [dan] zal je [G-d] zegenen”. En dat is een gebod om te doen, dat niet door tijd be­paald wordt. Of misschien is het geen gebod van Tora, want er staat geschreven [aan het eind van diezelfde passage]: „voor het goede land dat Hij je gegeven heeft”, en het land is niet aan vrouwen gegeven [de dochters van Tselafchad (Bamidbar 27) erfden slechts het aan hun vader toegewezen stuk land]. [De vraag] wordt niet beantwoord [maar vrouwen zijn het in ieder geval verplicht birkat hamazon te zeggen ingevolge een rabbijnse verorde­ning] (RAV).


Copyright © 2004 by
Zwi (H) Goldberg

All rights reserved.
No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system or transmitted, in any form or by
any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without prior permission in writing
from the copyright holder