Index Volgende

Berachot

Hoofdstuk 2 - Misjna 1

הָיָה קוֹרֵא בַתּוֹרָה, וְהִגִּיעַ זְמַן הַמִּקְרָא, אִם כִּוֵּן לִבּוֹ, יָצָא. וְאִם לָאו, לֹא יָצָא. בַּפְּרָקִים שׁוֹאֵל מִפְּנֵי הַכָּבוֹד וּמֵשִׁיב, וּבָאֶמְצַע שׁוֹאֵל מִפְּנֵי הַיִּרְאָה וּמֵשִׁיב, דִּבְרֵי רַבִּי מֵאִיר. רַבִּי יְהוּדָה אוֹמֵר, בָּאֶמְצַע שׁוֹאֵל מִפְּנֵי הַיִּרְאָה, וּמֵשִׁיב מִפְּנֵי הַכָּבוֹד, בַּפְּרָקִים שׁוֹאֵל מִפְּנֵי הַכָּבוֹד, וּמֵשִׁיב שָׁלוֹם לְכָל אָדָם:

 

Wanneer iemand Tora leest [1] en de tijd voor het lezen is aangebro­ken [2], dan geldt, dat wanneer hij zijn hart erop heeft gericht, hij be­vrijd is [van zijn verplichting] [3], maar zo niet, dan is hij niet bevrijd. Tussen de paragrafen [4] mag men uit beleefdheid [naar iemands ge­zond­heid] vragen [5] en antwoorden [6], maar in het midden [7] mag men alleen uit vrees vragen [8] en antwoorden. Dit zijn de woorden van Rabbi Meïer. Rabbi Jehoeda zegt: In het midden [9] vraagt men uit vrees en antwoordt uit eerbied, en tussen de paragrafen in mag men vragen uit eerbied en mag men iedereen groeten [10].


[1]. Wanneer iemand Tora leest: Het deel van Sjema’ (RAV).

[2]. En de tijd voor het lezen is aangebroken: De tijd om Sjema’ te zeggen (RAV). [Er is op verschillende plaatsen in Talmoed een discusie of men zijn volle aandacht erbij moet hebben wanneer men een mitswa doet en of men ook de bedoeling moet hebben de mitswa te doen, of niet. De RAV be­spreekt elk van beide standpunten ten aanzien van het zeggen van Sjema’]

[3]. Wanneer hij zijn hart erop heeft gericht, is hij bevrijd [van zijn ver­plichting]: Volgens diegene die zegt dat men zijn volle aandacht erbij moet hebben, als men een mitswa doet, betekent de zin „wanneer hij zijn hart er­op gericht heeft” dat zijn bedoeling moest zijn om zijn plicht [van het zeg­gen van Sjema’] te doen. Maar volgens diegene die zegt dat een mitswa geen aandacht vereist, betekent deze zin dat hij de woorden en klanken naar behoren uitspreekt. Dat sluit dan iemand uit die een tekst controleert, want die spreekt het niet uit volgens de klinkers, maar volgens wat er geschreven staat, om te zien of er iets ontbreekt of aan toegevoegd is. En op deze ma­nier vervult men niet zijn plicht. (RAV)

[De uitspraak van de woorden is niet altijd overeenkomstig wat er geschre­ven staat, en iemand die een Tora-rol proefleest, leest wat er geschreven staat. Er staan in som­mige woorden letters die bij het lajenen niet wor­den uit­gesproken, maar die de proef­lezer wel uitspreekt. Zo zijn er ook woorden waaraan letters ontbreken die bij het lajenen toch worden uitgesproken, maar die de proeflezer niet uitspreekt. Maar als men volgens deze mening het wel goed uitspreekt, zonder de bedoeling te hebben de mitswa te doen, dan heeft men zijn ver­plicht gedaan.]

De halacha is volgens degenen die zegt dat men zijn vol­le aandacht bij de mitswa moet hebben. (RAV)

[4]. Tussen de paragrafen: Verderop wordt verklaard hoe de paragrafen zijn inge­deeld. (RAV)

[5]. Men mag uit beleefheid vragen: Men mag een belangrijk persoon als eerste groeten, als dat gepast is, zoals zijn vader of zijn rebbe of iemand groter in wijsheid. (RAV)

[6]. En antwoorden: Wanneer men iemand het eerst mag groeten, mag men een groet zeker beantwoorden. (RAV) [Daar het onbeleefd is om een groet niet te beant­woor­den, waren de Geleerden soepeler in het toestaan daarvan. Dus als het is toegestaan iemand als eerste te groeten, dan is het zeker toe­gestaan een groet te beantwoorden.]

[7]. In het midden: van een paragraaf. (RAV)

[8]. Men mag alleen uit vrees vragen: Men mag iemand in het midden van een para­graaf alleen als eerste groeten, wanneer men bang is dat de ander hem anders mis­schien zou doden. En het  is duidelijk dat men in zo’n geval een groet mag beant­woor­den. Echter uit respect alleen groet men niet. (RAV)

[9]. Rabbi Jehoeda zegt: In het midden van een paragraaf mag men iemand voor wie men bang is, als eerste groeten en men mag iemand uit eerbied terug groeten. (RAV)

[10]. Men mag iedereen terug groeten die het eerst gegroet heeft. De hala­cha is volgens Rabbi Jehoeda. En op alle plaatsen waar het verboden is te onderbreken, daar is het ook verboden te praten, zelfs in de heilige taal, net als iedere andere taal. (RAV)


Copyright © 2004 by
Zwi (H) Goldberg

All rights reserved.
No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system or transmitted, in any form or by
any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without prior permission in writing
from the copyright holder