Inhoud Troemot

 

Inhoud Misjnajot

vorige misjna

TROEMOT - HOOFDSTUK 3

volgende misjnaØ

Misjna 8

�������������� ������ ���������, ������� ��������, �������� ������� ���������, ������ ������� ���������, ��������� ������� ������, ��������� ������� ������� ��� ������� �����, ��������� ������� ����� ������� �����, ��� ����� �������, ��� ����������� ���� �������� �������:

Als iemand troema bedoelde maar maäser zei; [of] ma�aser [bedoelde] maar troema zei; [of] olaa [bedoelde] maar sjelamiem zei; [of] sjelamiem [bedoelde] maar olaa zei; [of] �dat ik niet dit huis zal binnengaan� [bedoelde te zeggen] maar hij zei: �daarin;�[of als hij bedoelde te zeggen] �dat ik van deze geen pro�fijt zal hebben� maar hij zei: �van deze,� [in al deze gevallen] heeft hij niets gezegd, totdat zijn mond en hart met elkaar in overeenstemming zijn.

Toelichting op Misjna 3:8

De Misjna bespreekt situaties waarin iemand bij vergissing iets zegt, dat niet in overeen�stemming is met zijn bedoeling.

Als iemand bedoelde te zeggen: �Dit zal troema zijn,� maar hij zei �Dit zal ma�aser zijn,� of omgekeerd, hij bedoelde te zeggen: �Dit zal ma�aser zijn,� maar hij zei bij vergissing: �Dit zal troema zijn;� of hij bedoelde te zeggen: �Dit dier zal een olaa [brandoffer] zijn,� maar in plaats daarvan zei hij per ongeluk: �Dit dier zal een sjelamiem [vredesoffer) zijn,� of omge�keerd, als hij bedoeld te zeggen: �Dit dier zal een sjelamiem zijn,� maar hij zei per ongeluk: �Dit dier zal een olaa zijn;� of hij wilde een plechtige belofte maken en zeggen �ik zal dit huis niet binnengaan,� maar hij zei bij vergissing: �Ik zal daar [in dat andere huis] niet binnen�gaan;� of hij bedoelde te zeggen: �Ik zal van deze persoon geen profijt hebben,� maar hij zei per ongeluk: �Ik zal van deze [een andere] persoon geen profeet hebben;� in al deze gevallen heeft hij niets gezegd, totdat zij zijn mond en zijn hart met elkaar in overeenstemming zijn.� Want er staat geschre�ven [Devariem 23:24]: �Houd je nauwgezet aan dat wat er over je lippen komt,�  en er staat ook geschreven [Sjemot 35:22]: �Ieder wiens hart hem aanspoorde � [en die een gift aan Hasjem gewijd had],� dat wil zeggen dat een uitspraak of daad alleen geldig is als die in overeenstemming is met datgene waartoe zijn hart hem aanspoort (RAV).

 


Copyright � 2005 by
Zwi (H) Goldberg

All rights reserved.
No part of this publication may be reproduces, stored in a retrievalsystem or transmitted, in any form or by
any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without prior permission in writing
from the copyright holder